Categorieën
Uncategorized

IK EN WIJ NIEUWE STIJL

INLEIDING: EEN INNERLIJKE TOETSSTEEN

Vandaag begin ik met schrijven voor jullie. In de wereld van de grote verhalen, zet ik juist de grootsheid van het kleine moment in het licht. Het moment dat iemand de moed heeft om een nieuwe stap te zetten, in verbinding met een ander. In plaats van de technocratische ‘Great Reset’ die voorbij gaat aan waar ontwikkeling werkelijk vandaan komt, schrijf ik juist dáárover: de bewustzijnsontwikkeling van mensen dankzij de ander.

In mijn studie sociale wetenschappen leerde ik, al meer dan 30 jaar geleden, in de structuratietheorie van Giddens de paradox kennen, dat sociale structuren het handelen van mensen bepalen, maar dat TEGELIJKERTIJD, het handelen van mensen de sociale structuren bepaalt. Hoera, daar ging het eenzijdige oorzaak-gevolg denken van de natuurwetenschap! Er was geen andere weg nu, dan het geestelijke in de mens te gaan onderzoeken, hoe hij vanuit eigen vrije, goede wil, kon bijdragen aan sociale vernieuwing. En vooral: hoe mensen dat samen doen en niet zonder elkaar kunnen daarin. Met De Grondsteen, School voor gemeenschapsvorming en initiatief, wil ik bijdragen aan de grotere sociale vernieuwing die, vanuit het geestelijke in en tussen mensen, nodig is. Mogen de columns daar ook een steentje aan bijdragen als miniaturen van het Ik en wij nieuwe stijl.

Die nieuwe stijl is alleen mogelijk als mensen de moed hebben zelf individueel een stap in het ongewisse te zetten. ‘Be the change you want to see’ heb ik daarbij altijd een gratuite uitspraak gevonden, waarmee je mensen in de kou laat staan. Net als: ‘vernieuwing moet van onderop beginnen.’ Beide zijn wel waar, maar onvolledig.

Vernieuwing vraagt nieuw bewustzijn, nieuw bewustzijn ontwikkel je dankzij de ander. Het is natuurlijk je eigen inspanning, en natuurlijk is de ontwikkeling vervolgens genade, maar de ontmoeting met de ander is daarbij van onschatbare waarde. De sociale wereld kan een mysterieplaats zijn, een plaats waar vroeger mensen werden ingewijd en zo een groter geestelijk bewustzijn en bijbehorende vermogens kregen: toen van een ingewijde leraar, nu vanuit een gelijkwaardige verbinding vanuit een algemeen menselijke liefde, een samen onderzoeken naar wat het goede is om te doen.

Wat we nodig hebben is: een ervaring van hoe het anders kan, de moed om het aan te gaan en niet te weten wat eruit komt, inzicht in gezonde sociale structuren zoals sociale driegeleding, en nieuwe sociale instrumenten. Zoals je die bijvoorbeeld bij De Grondsteen, School voor Gemeenschapsvorming en Initiatief, kunt leren hanteren: gedragen besluitvorming, werken vanuit ontmoeting met de biografie van de ander, praktische werkwijzen vanuit sociale driegeleding.

In mijn columns bied ik voorbeelden van die ervaring;  laat ik zien hoe in het klein die sociale bewustzijnsontwikkeling wordt bevorderd, als twee of meer mensen in het moment vanuit algemeen menselijke gelijkwaardigheid een moderne gemeenschap, hoe klein ook, willen vormen. En dat die ontwikkeling wordt belemmerd als het tegenovergestelde gebeurt, bijvoorbeeld bij polarisering of het blijven steken in een functionele verhouding. Al dan niet versterkt door bureaucratie, protocollen en managementdenken.

Ik hoop dat je die ervaringen kunt herkennen, en dat ze je bemoedigen ook (weer) naar zulke ervaringen te zoeken. Want die ervaringen hebben we nodig om te weten dat het anders kàn zijn. Je herkent het vanuit een innerlijk beleven. Of wat ik noem: een innerlijke toetssteen. En hoewel die niet kan worden gemeten, ‘hij is eigenlijk heel hard’, aldus een deelnemer aan ons scholingstraject Gedragen Besluitvorming.

Mijn diepste verlangen is, dat mensen het de moeite waard vinden om zich in het zoeken naar dat ‘Ik en wij nieuwe stijl’ te verenigen.

Vierakker, 22 februari 2021 

HET OUDERGESPREK NIEUWE STIJL

Het was weer tijd voor het oudergesprek op de middelbare school. Mijn zoon was inmiddels 15 jaar, en zat in de negende klas van de vrije school. Twee keer per jaar, na het tussenrapport, mogen we als ouders een keuze maken voor drie gesprekken van 10 minuten. De gewoonte, het systeem is, dat ouders kiezen voor een gesprek met een leerkracht van het vak waarvoor de laagste cijfers zijn gehaald.  Om dan te praten over hoe dat komt en wat eraan te doen is.

Ik had daar helemaal geen behoefte aan. Ik probeer zoveel  mogelijk de waarde van cijfers te relativeren voor mijn kinderen. Innerlijk gaat het mij er alleen maar om dat mijn kinderen zich zo rijk mogelijk kunnen ontwikkelen, dat ze gezien worden, dat er van ze gehouden wordt, en dat ze goed worden behandeld, authentiek als het even kan. Want ik weet dat ze dat haarfijn aanvoelen, en waarderen.

Ik heb mijn zoon daarom gevraagd wie hij goede leraren vond, en met hen heb ik een afspraak gemaakt. Aan het begin van het gesprek heb ik direct aangegeven dat mij de cijfers niet echt interesseren, maar dat ik benieuwd was hoe de leraar mijn zoon zag, wat hij van hem kon waarnemen. Zo richtte ik een heel ander gesprek in, en kwam ik in een andere verhouding tot de leraar: samen op zoek. Naar het wezen van mijn kind, zijn ontwikkelingsweg en zijn ontwikkelingsvragen.

Zijn leraar Duits begint te vertellen, een beetje zoekend naar woorden. Dat mijn zoon een talig kind is, met een goed gevoel voor taal. Dat hij bij vlagen geïnteresseerd is en bij vlagen ook niet, zoals dat hoort bij een puber. Dat hij op het VWO op zijn plek is en diepgang nodig heeft volgend jaar om zich niet te gaan vervelen. Ik luister stil met veel interesse en ik merk dat deze leraar op een andere laag van waarneming, doorzien komt. Dat voel je, als iemand niet alleen feiten, karakteristieken en oordelen noemt, maar op iets wezenlijks uitkomt. ’Hij is eigenlijk altijd vrolijk. Hij heeft het geluk in zich.’  En hier krijgt hij tranen in zijn ogen: ‘Hier hebben we het eigenlijk nooit over hè? We hebben het altijd maar over de cijfers, maar hier gaat het toch werkelijk om, want daarmee gaat hij er komen in het leven.’

Ik vergeet het nooit meer. Het helpt mij in mijn houding om echt naast mijn zoon te gaan staan in wie hij is. In liefde me te blijven verwonderen over hoe hij zijn leven leeft.

En ik voel me gesteund in mijn streven om een nieuwe sociale cultuur van mens tot mens in het onderwijs te helpen realiseren. Met de Ondernemende School en met De Grondsteen.

Hoe zou het zijn als we zo de gesprekken zouden inrichten? Met bewustzijn, met een beetje sociale techniek waarmee we een leerling kunnen waarnemen (bijvoorbeeld karakteristieken, beelden, opvattingen en wekkende vragen benoemen vanuit de waarneming van feiten die we met elkaar delen)? Met een afspraak tussen ouders en leraar om zo de oudergesprekken te doen? En misschien zelfs een kleine oefening voor leraren en ouders die dat willen, om zo te leren kijken en om zo te leren luisteren? Zodat ouders onderling elkaar ook ontmoeten in hun opvoedersrol en vragen? Zodat ouder, leerkracht én leerling worden geholpen in hun ontwikkeling en de ouders en leerkracht in hun opvoedersrol? Dat we een gemeenschap vormen op het moment van het oudergesprek, rondom het kind? En niet alleen bij kinderen die moeilijkheden ondervinden, maar bij ieder kind? Onvoorstelbaar? Geen tijd? Of: een moedige keuze?

Ik teken voor zo’n school, zelfs als mijn dochter er al te oud voor zal zijn straks: ik werk graag mee aan de ontwikkeling van de gemeenschap waarin het zo gaat. Als de cijfers en prestatiedoelen daarmee op de achtergrond raken, en de ontwikkeling van het kind op de voorgrond staat, zullen we een heel andere sociale cultuur op school, ook met de ouders samen, kunnen ontwikkelen.

Moderne gemeenschap kunnen ervaren en vormgeven. Dan heeft de school het geluk in zich, voor ieder kind. Geluk is niet hetzelfde als een paradijs. Geluk heeft er toch mee te maken dat je je eigen lot hebt, je daarin kunt ontwikkelen met de moeilijkheden en geschenken die op je weg komen, en dat anderen naast je staan, en jij naast anderen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *